Toegang tot de woning voor renovatie

Huurder huurt van de woningstichting een huurwoning. Aan de verwarmingsinstallatie van deze huurwoning dienen onderhoudswerkzaamheden te worden verricht. De huurder reageert nergens op. In kort geding vordert de woningstichting dat de door haar ingeschakelde aannemer, zo nodig met behulp van de politie, toegang krijgt tot de woning. De huurder laat verstek gaan en de voorzieningenrechter wijst de vorderingen toe en veroordeelt de huurder in de kosten van de procedure.

Commentaar: Een verhuurder heeft niet te allen tijde toegang tot de woning van de huurder. Onaangekondigd bezoek behoeft de huurder niet te dulden. In het geval van dringende werkzaamheden zal de huurder op grond van artikel 7: 220 BW het gehuurde wel voor de verhuurder moeten openstellen.

Diederik Briedé